Canon

Sinds een aantal weken hangt er in mijn stageklas een grote kaart met de Nederlandse canon van entoen.nu. Het doet me denken aan de topokaarten die de leerkracht vroeger (en nu zie je ze nog steeds) gebruikte om klassikaal topo te leren.

Sinds de canonkaravaan door Middelburg is getoerd, heeft mijn mentor de smaak goed te pakken! Elke geschiedenisles opent ze met de website, dit kan of een stukje tekst zijn, of een filmpje, of de tijdbalk. Ze maakt de kinderen enthousiast door er zelf heel enthousiast over te praten!

Het is fijn om te zien dat de canon zo goed wordt ingezet tijdens de geschiedenislessen. Door elke keer anders gebruik te maken van de canon, ontstaat er ook afwisseling in de lessen die aangeboden worden. Ook ik gebruik de canon tijdens de lessen die ik geef. Morgen geef ik een les over de Franse Revolutie. En na heeeel goed zoeken heb ik een bruikbaar filmpje op entoen.nu gevonden. Deze sluit goed aan op hoe ik de les wilde openen. Ook bruikbare afbeeldingen heb ik hier gevonden. 

Advertenties

Tulpomanie

De stadsbestuurders van Haarlem namen begin mei 1637 een ongewoon besluit: zij verboden rechters, advocaten en deurwaarders nog langer zaken over tulpen en tulpenbollen in behandeling te nemen. De maatregel was een noodgreep om de chaos te bezweren die in februari was losgebroken nadat de handel in tulpenbollen als een zeepbel uit elkaar was gespat. Partijen bollen die op papier een vermogen kostten, bleken opeens niets meer waard. Honderden burgers en kleine beleggers hadden bij de crisis al hun geld verloren. Ze probeerden nu tevergeefs bij de verkopers verhaal te halen. In pamfletten en spotprenten werd de draak gestoken met de dwazen die zich hadden laten meeslepen door de ‘tulpomanie’. In hun hebzucht en hoogmoed hadden zij zich laten verleiden tot handel in wind.

Tulpen waren aan het begin van de zeventiende eeuw nog een exotisch en kostbaar goed. De eerste bollen waren in de tweede helft van de zestiende eeuw door Westerse reizigers uit Turkije ingevoerd in Europa. De Leidse botanicus Carolus Clusius kreeg in 1593 een paar tulpenbollen toegestuurd, die hij plantte in de Leidse Hortus.

De exclusieve bloem trok al snel de aandacht van rijke stedelingen. Zij begonnen bollen te kopen om op hun buitens of in de tuinen van hun grachtenhuizen te planten. Het kweken en bemachtigen van nieuwe, bijzondere variëteiten werd onder de ‘happy few’ binnen de kortste keren een rage. Zeldzame soorten bleken hun gewicht in goud waard. De Amsterdamse stadspensionaris Adriaan Pauw, eigenaar van Huis te Heemstede, kreeg in 1625 voor een bol van de felbegeerde Semper Augustus 3000 gulden geboden. Dat was de prijs van een aardige buitenplaats, en tien maal het jaarinkomen van een geschoolde ambachtsman. Pauw sloeg het aanbod af.

Ten zuiden van Haarlem hadden zich, langs de Wagenweg en de Kleine Houtweg, intussen de eerste professionele bollenkwekers gevestigd. Ook rond Alkmaar en Hoorn werden tulpen gekweekt. Maar met het stijgen van de prijzen gingen steeds meer buitenstaanders zich met de tulpenhandel bemoeien. Bloembollen lieten zich vrij eenvoudig vermeerderen, anders dan kostbare verzamelobjecten als schilderijen of Chinees porselein. Wie er in slaagde een bijzondere variëteit op te kweken, kon naast flinke winsten rekenen op status en aanzien. Ook voor kleine kopers als winkeliers en linnenwevers leek rijkdom en stijging op de sociale ladder zo opeens binnen handbereik.

Speculanten, de zogeheten ‘floristen’, roken hun kans en gingen tulpenbollen die nog in de grond zaten, op papier doorverkopen. In herbergen en tapperijen organiseerden zij beurzen die vaak eindigden in uitgelaten drinkgelagen. De prijscontracten gingen tijdens deze ‘colleges’ van hand tot hand, telkens met meer winst. Tijdens de beurzen in het najaar ging het bij deze termijnhandel of handel in futures steeds vaker om bollen die niemand nog in bloei had gezien.

In de laatste maanden van 1636 bereikte de tulpenkoorts een hoogtepunt. Honderden kleine kopers hadden zelfs hun huisraad beleend om mee te doen. Maar op 3 februari 1637 stortte de handel in de Haarlemse ‘colleges’ plotseling in. Een grote partij bollen bleek onverkoopbaar. In Alkmaar werden twee dagen later in de Oude Doelen nog de alllerhoogste prijzen ooit gemaakt. De duurste tulp, de Admirael van Enkckhuizen, verwisselde op papier voor meer dan 5000 gulden van eigenaar. Maar de paniek was niet meer te stoppen. In de weken erna  klapte op alle beurzen de verkoop in elkaar. Het betekende een abrupt einde van de ‘tulpomanie’.

De tulpenwindhandel is vaak beschreven als de eerste grote speculatiegolf in de geschiedenis. Behalve voor de deelnemers die berooid achterbleven, vielen de gevolgen echter mee. De Hollandse bloembollenteelt kwam pas in de periode erna echt tot ontwikkeling. De tulp bleef een gewilde en kostbare bloem, maar de bollen werden voortaan verhandeld tegen reële prijzen. Haarlem en de omringende dorpen groeiden uit tot het bollenteeltgebied bij uitstek. Tot in de negentiende eeuw de telers hun bedrijven naar het zuiden uitbreidden en Hillegom en Lisse de eerste plaats overnamen.

Bron: (http://www.regiocanons.nl/noord-holland/kennemerland/tulpenmania)

De canonkaravaan 3

Voor mijn  stage bij SCEZ mag ik een stukje over mijn ervaringen met de canonkaravaan schrijven voor in de nieuwsbrief. Zo word ook ik nog eens wereldberoemd. Hierbij mijn stukje als een soort van preview!

De canon telt vijftig vensters: belangrijke personen, creaties en gebeurtenissen die samen laten zien hoe Nederland zich heeft ontwikkeld tot het land waar we nu leven. Wat me vooral bij is gebleven van de canonkaravaan is de website http://www.entoen.nu . Als (aankomend) leerkracht in het basisonderwijs kun je hier veel extra materiaal vandaan halen. Op het eerste gezicht lijkt het niet zo’n uitgebreide website, totdat je eens goed gaat rondneuzen. Dankzij deze dag heb ik nu een goed beeld van de mogelijkheden van de website. Door een duidelijke uitleg werd je er wegwijs mee gemaakt.

Je doorloopt de geschiedenis van Nederland in een chronologische volgorde door middel van concrete verhalen. De afbeelding die bij het venster hoort (bijvoorbeeld De Verenigde Oost-Indische Compagnie) slaat niet alleen op de VOC, maar op alle gebeurtenissen in die periode. Zo gaat het in dit venster om de overzeese expansie. Je opent dus een venster en vindt er een veel grotere wereld achter dan je verwacht.

Op een basisschool werk je natuurlijk met een methode en niet alle methodes zijn hetzelfde. De ontwikkelaars van de canon vinden dat iedereen kennis moet hebben van de vijftig vensters. Maar wat als dat onderwerp niet aan bod komt in de methode? Daar hebben ze iets handigs voor bedacht: de methodecheck! Met de methodecheck kun je checken of het onderwerp aan bod komt in jouw methode, tijdens welk leerjaar en in welk blok. En als het niet aan bod komt, dan wordt er via de website extra materiaal aangeboden om alsnog een les over dat venster te kunnen geven.

Zeeoorlogen

De Republiek was een groot deel van de zeventiende eeuw in oorlog. In 1648 werd de Tachtigjarige Oorlog tegen Spanje afgesloten met de Vrede van Munster. Lang kon de Republiek daar niet van genieten. Conflicterende handelsbelangen leidden al snel tot twee zeeoorlogen met Engeland (1652-1654 en 1665-1667). In 1672 volgde een gezamenlijk Engels-Franse inval die de Republiek op de rand van de afgrond bracht. Zij overleefde echter en speelde in de decennia daarna een belangrijke rol in de internationale coalitie die zich keerde tegen de territoriale ambities van de Franse koning Lodewijk XIV.

De bestuurders van de kustprovincies presenteerden de Republiek ondertussen als een vredelievende zee- en handelsnatie die slechts met de grootste tegenzin oorlogen voerde om haar economische belangen te beschermen. In dit zelfbeeld waren vlootvoogden en zeelieden de grote helden. Zij werden bezongen in liedjes, hun levens en daden werden beschreven in populaire geschiedenisboekjes en de belangrijkste zeeslagen werden vastgelegd in schilderijen en prenten. Vlootvoogden die sneuvelden in de strijd konden rekenen op een monumentaal praalgraf.

Van alle zeventiende-eeuwse zeehelden is Michiel Adriaenszoon de Ruyter ongetwijfeld de beroemdste. Hij werd in 1607 in Vlissingen geboren als zoon van een eenvoudige bierdrager. Al snel werd duidelijk dat zijn toekomst op zee lag. Na enige tijd als touwslager werkzaam te zijn geweest bij Lampsins, de rijkste redersfamilie van Vlissingen, monsterde hij in 1618 als bootsmansjongen aan op zijn eerste schip. Het was het begin van een avontuurlijk zeemansleven. Als kaperkapitein, schout-bij-nacht en koopvaarder bevoer hij de wereldzeeën en beproefde hij zijn geluk. In 1652 meende hij voldoende fortuin te hebben vergaard om een rustig bestaan aan wal te leiden. Lang heeft De Ruyter niet van zijn rust genoten. Na het uitbreken van de Eerste Engelse Zeeoorlog bood de Zeeuwse Admiraliteit hem een functie aan. De Ruyter accepteerde haar, voor één tocht. Het bleek echter het begin van een nieuwe loopbaan die uitmondde in de hoogste functie in de marine, het luitenant-admiraalschap.

In 1667, midden in de Tweede Engelse Zeeoorlog, beleefde De Ruyter zijn grootste moment. Op aandringen van raadpensionaris Johan de Witt voerde hij de vloot aan die de Engelsen op eigen terrein een grote slag moest toebrengen. Het plan lukte. Een groot deel van de Engelse vloot werd in de Medway nabij Chatham vernietigd. De Ruyter werd vereerd als de nieuwe Hannibal.

In 1676 sneuvelde De Ruyter nabij Syracuse in een gevecht tegen de Fransen. Het had zijn laatste reis moeten zijn. In de Amsterdamse Nieuwe Kerk kreeg hij een marmeren praalgraf op de plek van het voormalige hoogaltaar.

Bron: (http://www.entoen.nu/michielderuyter/po-docent)

En nu?

Aangezien we nu toch stage moeten blijven lopen, kan ik maar beter gelijk van alles mee proberen te pikken. Mijn stagedag op de basisschool wordt dinsdag. Op deze dag worden de lessen geschiedenis en muziek gegeven. Voor mij is dit natuurlijk supergaaf! Een goede geschiedenisles in een combinatieklas is (haast) onmogelijk en niet te doen. Daarom hebben ze op de Vossenburch de groep gesplitst (net zoals de andere twee groep 7/8) en komt heel groep 7 bij elkaar voor de les geschiedenis (en zo dus ook groep 8). Dan kom je op een behoorlijk grote groep van ongeveer 30 leerlingen uit. Maar, dit moet ik nog allemaal meemaken, want aankomende dinsdag ga ik voor het eerst kijken.

Mijn stagebegeleider wilt sinds de canonkaravaan langs is geweest, de canon toe gaan passen in haar lessen. Ze zijn nu aangekomen bij het thema Michiel de Ruyter. Voor mij rest nu dus nog iets leuks te doen: http://www.entoen.nu uitpluizen en informatie opzoeken over Michiel de Ruyter!

De canonkaravaan 2

Het ontstaan van de canon.

  • 1998: de commissie de Wit besluit dat er een canon moet komen over de Nederlandse geschiedenis.
  • 2001: de commissie de Rooy verdeelt de Nederlandse historische tijd onder in tien tijdvakken.
  • 2005: de onderwijsraad vindt dat er geen leidraad is door de geschiedenis.
  • 2007: de commissie van Oostrom stelt de canon samen door middel van 50 vensters.

Enkele mooie uitgangspunten:

De canon van Nederland is het verhaal van ons land en onze cultuur. Hierdoor is de canon vakoverstijgend en dus toe te passen op meerdere vakgebieden.

Je doorloopt de geschiedenis van Nederland in een chronologische volgorde door middel van concrete verhalen.

De vensters hebben een pakkend onderwerp, maar je kunt deze openen voor een grote wereld van verwante onderwerpen.

De vensters zijn stapstenen door de geschiedenis.

De canon is geen afvinklijst, maar een vertrekpunt voor een leven lang leren.

De canonkaravaan

In het seizoen 2011/2012 trekt de tweede editie van de Canonkaravaan door Nederland: een inspirerende nascholingsdag voor leerkrachten rond de canon van Nederland, met boeiende sprekers, prikkelende workshops, enthousiaste collega’s en praktische lestips.

De canon van Nederland

De canon van Nederland telt 50 vensters: belangrijke personen, creaties en gebeurtenissen die samen laten zien hoe Nederland zich ontwikkeld heeft tot het land waarin we nu leven. Samen vormen zij de bron waaruit leerkrachten kunnen putten om de tien geschiedenistijdvakken te illustreren. Hoe? Daarover gaat deze canonkaravaan.

karavaanbeeld

De canon in de klas

Sinds 2010 staat de canon van Nederland in de kerndoelen. Elke school staat dus voor de vraag: wat doen we met de canon in ons – toch al zo drukke – lesprogramma? De canonkaravaan is een nascholingsdag waarop deze vraag vanuit verschillende invalshoeken van een direct toepasbaar antwoord wordt voorzien. Met praktische tips die meteen in praktijk kunnen worden gebracht.

Wat brengt de canonkaravaan u?

  • Een leuke, ontspannen dag rond de canon van Nederland, waarin het nuttige met het aangename verenigd wordt
  • Veel praktische informatie en direct toepasbare lestips
  • Ideeën en ervaringen uitwisselen met collega’s
  • Informatiemarkt rond de nationale en regionale canon
  • Afwisselend programma met sprekers, inspirerende optredens en workshops
  • Speciale aandacht voor de rol van bibliotheken en jeugdboeken
  • Iedere deelnemer ontvangt het nascholingscertificaat van stichting entoen.nu

Bron: Schrijver onebekend (2012). Canonkaravaan 2011/2012: de canon in de klas. Geraadpleegd op 17 februari 2012, via http://entoen.nu/canonkaravaan

En op 14 maart is de canonkaravaan in Middelburg. Voor de minor mogen wij daar voor een gereduceerd tarief heen. En laat ik daar nu net eens even heel veel zin in hebben!