Marron

Gisteren plaatste ik het bericht “Monnikenwerk”, over gezegdes, uitspraken en woorden met een historische betekenis. Vandaag gaat het over de uitspraak “Naar de barbiesjes gaan”.

Deze uitspraak betekent niet veel goeds. Barbiesjes is een verbastering van Berbice, en degenen die daar in de koloniale tijd heen gingen, wachtten een hels, heet en kort bestaan. Berbice ligt in het huidige Guyana en was vanaf 1627 zo’n twee eeuwen lang een kleine Nederlandse kolonie ten westen van het veel grotere Suriname.

West Indie vaarder, 17e eeuw

De economische basis was het plantagesysteem. Hier werden producten verbouwd als suiker en koffie voor de Europese markt, die werden geproduceerd met behulp van slavenarbeid. Er waren meerdere opstanden vanuit de slaven die rebelleerden tegen hun lot, ondanks de risico’s die dat met zich meebracht. Niemand heeft ooit bijgehouden hoeveel opstanden er waren in de vroegmoderne Atlantische wereld. De meeste opstanden waren maar klein en werden binnen enkele dagen onderdrukt. Een andere optie voor de slaven was weglopen. Sommige slaven, meestal mannen, wisten de plantages te ontvluchten en stichtten dorpen diep in de binnenlanden. Hier leefden ze onafhankelijk van de koloniale samenleving: deze mannen werden marrons genoemd. De meeste slaven waagden zich niet aan een gewapend verzet of weglopen.

Landkaart Suriname en Berbice

Dit alles maakt de opstand in Berbice interessant. Tussen februari 1763 en juli 1764 vond een van de grootste slavenopstanden in het 18e eeuwse Caribisch gebied plaats. Om verschillende redenen is deze opstand opmerkelijk. De rebellen treedden zelf als slavenmeesters op: zij maakten hun tegenstanders tot slaaf. De opstand was ook langduriger dan elders en omvangrijker: bijna alle slaven in Berbice werden erin meegesleurd, goedschiks of kwaadschiks.

Bron: Kars, M. (2012) De slavenopstand van Berbice. Geschiedenis magazine. 6, 45 – 49.

Advertenties

Kauri

Ik mag lessen gaan geven over de slavernij! Ik ben zo ontzettend enthousiast, omdat dit onderwerp niet vaak aan bod komt op de basisschool en ik er mee aan de slag mag. En het leukste: ik mag doen wat ik wil, als ik het maar betrek op Middelburg / Zeeland! Gelukkig hebben we een hele course les gehad over de slavernij en daar ga ik zeker spullen van gebruiken (het scheepsjournaal van de Geertruyda wordt mijn uitgangspunt!). Nu moet ik alleen nog aan kaurischelpjes zien te komen, want die wil ik meenemen als catchende beeldvormer!

Kaurischelpen (Cypraea moneta) zijn afkomstig uit de Indische Oceaan. De kauri is gemiddeld ongeveer twee en een halve centimeter groot en lijkt haast van porselein gemaakt. De bewoners van deze schelpjes worden dan ook porseleinslakken genoemd. De kaurischelpen doen aanvankelijk dienst als ruilmiddel op de Malediven en op Sri Lanka. Dit gebruik verspreidt zich van daar over Voor-Indië en een groot deel van Afrika en zelfs Suriname en Nederlands Nieuw-Guinea.

Bron: Schrijver onbekend. Kaurischelpen. Geraadpleegd op 24 april 2012, via http://www.geschiedeniszeeland.nl/tab_themas/themas/slavernij/handelsgoederen/kaurischelpen